Bijna acht decennia geleden, toen België nog volop herstelde van de Tweede Wereldoorlog, stond de bouwsector voor een grote uitdaging: arbeiders een stabieler inkomen bieden in een beroep dat sterk afhankelijk was van de weersomstandigheden. Regen, vorst of sneeuw legden de bouwplaatsen geregeld stil, waardoor arbeiders tijdens die periodes zonder loon vielen.
In die context ontstonden de eerste vormen van sectorale solidariteit, waaronder de weerverletzegels. Die moesten het inkomensverlies door werkonderbrekingen bij slecht weer gedeeltelijk compenseren. Deze sociale vernieuwing, die de werkgevers uit de sector samen financierden, was voor die tijd een belangrijke stap vooruit. Ze weerspiegelde de solidariteit die de Belgische bouwsector ook in de daaropvolgende decennia zou kenmerken.
Door de jaren heen kreeg dit systeem een vastere structuur en groeide het uit tot het Fonds voor Bestaanszekerheid van de Werklieden uit het Bouwbedrijf. Wat begon als bescherming tegen de gevolgen van slecht weer, ontwikkelde zich geleidelijk tot een uitgebreid ondersteuningssysteem voor arbeiders en werkgevers in de sector. Er kwamen steeds meer voordelen bij: getrouwheidszegels, aanvullende werkloosheidsvergoedingen, tegemoetkomingen bij ziekte of ongeval, aanvullende pensioenen, ondersteuning aan het einde van de loopbaan en verschillende premies. Samen moesten ze de bestaanszekerheid van bouwarbeiders verbeteren.
Ook de rol en de opdrachten van het Fonds breidden uit. Het ondersteunde voortaan ook de beroepsopleiding van toekomstige en actieve bouwarbeiders en zette in op welzijn en veiligheid op de bouwplaats. Een andere, minstens even belangrijke stap was de oprichting van het fonds Pensio B, waardoor alle bouwarbeiders een aanvullend pensioen konden opbouwen via een sectoraal pensioenplan.
In 2016 volgde een nieuwe belangrijke stap met de oprichting van Constructiv. Na enkele jaren van samenwerking tussen de verschillende sectorfondsen besloten de sociale partners hun activiteiten in één organisatie onder te brengen. Zo wilden ze de werking vereenvoudigen en bedrijven en arbeiders beter ondersteunen. Sindsdien maakt de werking van het Fonds deel uit van Constructiv. Deze sectororganisatie bundelt tal van opdrachten voor bouwbedrijven en bouwarbeiders: sociale voordelen, opleiding, competentieontwikkeling, veiligheid en welzijn op het werk en de promotie van bouwberoepen. Met deze evolutie kreeg de sector een modernere organisatiestructuur, met behoud van de solidariteit die al bijna 80 jaar de kern vormt van het Fonds voor Bestaanszekerheid.
Naar aanleiding van zijn 80ste verjaardag kan Constructiv met trots terugblikken op zijn geschiedenis. Wat vlak na de oorlog begon vanuit de noodzaak om bouwarbeiders te beschermen tegen de gevolgen van slecht weer, groeide uit tot een van de pijlers van de sectorale solidariteit in België. Doorheen die geschiedenis bleef één overtuiging overeind: wie in een veeleisend beroep de gebouwen en infrastructuur van ons land realiseert, verdient blijvende aandacht voor zijn of haar bestaanszekerheid.
To view this content, you need to accept functional cookies.
Change cookie preferences
Viering van het 80-jarig bestaan in de SkyHall in Zaventem
Op donderdag 15 oktober kwamen meer dan 450 mensen samen in de SkyHall in Zaventem om het 80-jarig bestaan van Constructiv te vieren. Voor deze paritaire organisatie – in 1946 opgericht door en voor de Belgische bouwsector – was dit een uitgelezen moment om stil te staan bij haar evolutie en haar voortdurende, dagelijkse inzet voor de ondersteuning van bedrijven en werknemers in de sector. Voor een publiek dat onder meer bestond uit vertegenwoordigers van bouwbedrijven en vakbonden, leidinggevenden van opleidingscentra, andere sectorfondsen, overheidsinstanties en diverse partners, blikte de directie van Constructiv terug op de belangrijkste mijlpalen die de ondersteuning van de organisatie aan de bouwsector hebben vormgegeven. Voorzitter Patrick Vandenberghe benadrukte bovendien de cruciale rol van het sociaal overleg binnen de sector, nu deze zich voorbereidt op de uitdagingen van de toekomst.